Ben jij een glucoseverbrander of een vetverbrander?

Zo met het voorjaar weer voor de deur doen veel mensen weer verwoede pogingen om van hun overtollige vet af te komen. Het verbaasd me dan  ook elke keer weer hoeveel mensen dezelfde denkfout maken als al die andere pogingen die de meesten van ons al hebben gemaakt. Ze hongeren zichzelf uit, gaan calorieën tellen of nog erger ze gaan aan de eiwitshakes in de hoop dat het dit keer wel zal lukken. Met al deze strategieën ga je de strijd aan met je hormoonhuishouding. Die win je nooit kan ik je verklappen. Met je hormonen kun je maar beter samenwerken.

De gedachte achter al deze dieetvormen is dat je (veel) minder calorieën binnenkrijgt als normaliter. Het is waar dat wanneer je minder energie binnenkrijgt dan je verbrand, dat je dan afvalt. Echter na verloop van  tijd wordt je moe en lusteloos. Van extreem veel sporten wordt je hongerig waarmee de winst veelal ook  in rook opgaat.

Van glucoseverbrander naar vetverbrander

Je lichaam beschikt over een veel efficiënter systeem om jou van je vetrolletjes af te helpen. Het proces van glucoseverbranding naar vetverbranding.   Vet is energie in opslag. Evolutionair gezien was dit nodig om de koude winter door te komen omdat er dan weinig voedsel voorhanden was. Echter maken we nu geen gebruik meer van dit systeem omdat we supermarkten vol voedsel hebben. Onze voorraadkamer wordt dus niet meer geleegd.

De meeste mensen zijn glucoseverbranders. Wanneer jij tussendoortjes nodig bent, regelmatig koolhydraten zoals boterhammen, pasta’s of aardappelen eet val jij dus ook in deze categorie. Afvallen gaat nagenoeg niet omdat je je lichaam voortdurend laat branden op glucose in plaats van vetten. Ik zal je dit uitleggen.

Je lichaam kan energie maken van koolhydraten en vetten die je eet. Het verbranden van vetten is echter een veel schoner proces. Je lichaam kan veel meer energie maken uit een vetmolecuul dan uit een glucosemolecuul. Glucosemoleculen maakt je lichaam aan zodra het zoetigheid of koolhydraten heeft gekregen.

Hoe kan het dan dat je lichaam nooit zijn vetvoorraden aanspreekt?

Zolang er voortdurend glucose aanwezig is in de bloedbaan haalt het lichaam zijn energie dus uit de glucosevoorraad uit het bloed. Het lichaam hoeft hierdoor dus nooit zijn  eigen lichaamsvet aan te spreken. Je laat je eigen kacheltje voortdurend op koolhydraten (dus suiker) branden. Glucoseverbranders zijn mensen die de hele dag door koolhydraten zoals brood, zoetigheid, crackers, zuivel, granen, pasta, aardappelen, rijst, peulvruchten, kant-en-klare toetjes en allerlei bewerkte voeding met stiekem verborgen suikers eten.

Wil jij overschakelen op je eigen vetverbranding om zo van je zwembandje af te komen? Dan zal je serieus je koolhydraten moeten minderen. Op deze manier dwing je je lichaam om zijn eigen vetvoorraden aan te spreken wanneer er een energietekort dreigt. Om die reden is nuchter bewegen ook zo’n mooie manier om je lichaam weer over te laten schakelen op een vetverbranding. Zolang je lichaam meerdere keren per dag zoetigheid en koolhydraten aangeboden krijgt schakelt het niet over op vetverbranding. Het lijkt me overbodig te melden dat groenten en fruit hierdoor niet uit je menu geschrapt moeten worden. Wanneer je minder koolhydraten gaat eten schroef dan wel de vetinname omhoog. Dit voorkomt enorme hongeraanvallen. In het begin zal het best even wennen zijn voor je lichaam om over te schakelen op een vetverbranding. Het kan daarom ook enkele weken duren voordat dit systeem goed werkt. Zodra je lichaam steeds beter aangepast is aan vet als energiebron zal het je juist meer energie gaan opleveren en je gaat eindelijk die overtollige kilo’s verliezen die je maar niet kwijt raakt.

Like&deel dit bericht